“Op deze manier gaat het niet meer. We putten de aarde uit!” Die conclusie delen opvallend veel mensen die betrokken zijn bij het Haags Broodje. Wat begon als een idee voor een lokaal broodje in Haagse bedrijfsrestaurants, groeide uit tot een unieke samenwerking tussen chef-koks, boeren, cateraars, beleidsmakers en overheden. Haags Broodje is daarmee veel meer dan een lunchproduct: het is een tastbaar voorbeeld van hoe voedseltransitie dichter bij mensen gebracht kan worden.

Het initiatief ontstond op meerdere plekken tegelijk. Vanuit de pilot duurzame cao Rijk was Susanne Vermeer, een van de opdrachtgevers van Haags Broodje, binnen haar impactproject Eten en Drinken op zoek naar een manier om medewerkers op persoonlijk niveau te betrekken bij duurzaamheid. Inspiratie vond ze in Rotterdam, waar al het Rotterbammetje bestond.

“Zo’n broodje leek me een goed plan,” vertelt ze. “Maar daarvoor had ik wel partners nodig.” Die vond ze toen de gemeente Den Haag een inspiratiediner organiseerde en daarover op LinkedIn publiceerde. Susanne nam contact op met de betrokkenen. Via de gemeente kwam stichting Ons Eten aan tafel. Ons Eten speelt met gemeente Den Haag een belangrijke rol in het uitvoeren van de pijlers van de Haagse Voedselstrategie. En ook de provincie Zuid-Holland kwam op de lijn. “Het kwam allemaal precies goed uit,” zegt Susanne. “We kregen op het juiste moment de goede mensen aan tafel: boeren, beleid en cateraars.”

De projectleiders van Haags Broodje: Rosa de Nooijer en Marco Swart

Dat enthousiasme bleek aanstekelijk. Rosa de Nooijer, samen met Marco Swart de projectleider van Haags Broodje, herkende direct de kracht van het idee. Tijdens haar studie voedselpolitiek verbaasde ze zich al over het aanbod in bedrijfsrestaurants. “Ik dacht toen vaak: waarom ligt hier niet veel meer gezond en lokaal voedsel? Dat kan en moet beter.” Nu werkt ze, tot haar grote blijdschap, samen met mensen die precies hetzelfde willen. “Iedereen heeft hetzelfde doel, dezelfde dromen. En bijzonder genoeg gebeurt dat zonder concurrentiegevoel.”

Die open samenwerking vormt volgens betrokkenen de kern van het project. Vijf chef-koks werken samen aan recepten, delen kennis en bespreken openlijk hun ideeën. Ook tussen de verschillende overheidslagen ontstond een nieuwe manier van samenwerken. “In het begin was het even aftasten,” zegt Susanne. “Maar inmiddels werken we heel open en horizontaal samen.”

Chef-kok Jonah Koppe

Een van de chef-koks is Jonah Koppe, die drie dagen per week werkt bij Food Pioneers, een organisatie die praktijkgericht onderzoek doet naar voedseltransitie. Daarnaast runt zij samen met een compagnon een plantaardige bioscoop in Den Haag: Het Nieuwe Regime. Via Freya van Wageningen, de eigenaar en chef-kok van Restaurant Hagedis werd ze gevraagd om mee te denken over het Haags Broodje.

Voor Jonah sluit het project perfect aan op haar werk rond de korte keten en eiwittransitie. “We leven in een paradigma waarin alles altijd overal beschikbaar moet zijn,” zegt ze. “Maar dat is eigenlijk helemaal niet realistisch.” Volgens haar zit de uitdaging vooral in bewustwording. “Je kunt producten van ver vervangen door lokale alternatieven. Maar mensen verleiden om meer te betalen voor ‘goede’ producten blijft lastig. Daar heb je een lange adem voor nodig.”

Juist daarom vindt ze het belangrijk dat de overheid betrokken is. “Dit is echt iets groots: ministeries, overheid, cateraars. Dan kun je impact maken. De overheid is groot én heeft een voorbeeldfunctie.” Binnen het project Haags Broodje werkt zij samen met andere chef-koks aan de receptuur van het broodje. Daarbij kijken ze niet alleen naar smaak, maar ook naar voedingswaarden, houdbaarheid, logistiek en de beschikbaarheid van lokale ingrediënten.

Dat laatste blijkt soms ingewikkelder dan gedacht. “Wat betekenen seizoenen eigenlijk nog?” zegt Rosa. “Een lentebroodje is niet altijd meteen in de lente beschikbaar.” Dat vraagt creativiteit én communicatie richting consumenten.

Erwin de Jong van tuinderij Wijdehorst

Ook aan de productiekant vraagt de korte keten om nieuwe manieren van denken. Erwin de Jong, eigenaar van tuinderij Wijdehorst, levert groenten voor het Haags Broodje, waaronder koolrabi en bieten. Via Ons Eten hoorde hij over het project. “Wij willen duurzaam voedsel beter beschikbaar maken voor inwoners van Den Haag. Toen ik over het Haags Broodje hoorde, dacht ik meteen: hier willen we aan bijdragen.”

Zijn tuinderij is veel meer dan alleen een plek waar groenten groeien. “Het is een voedselverbindingsplek,” vertelt hij. “Mensen oogsten samen, lunchen in de theetuin en gaan blij met een volle tas groenten naar huis. Eten verbindt.” Volgens Erwin is samenwerking met de overheid essentieel om echte verandering mogelijk te maken. “Werken met pesticiden en kunstmest is niet meer houdbaar. De overheid kan daarin sturen, als beleidsmaker én als voorbeeld.”

De opdrachtgevers van het Haags Broodje: Susanne Vermeer (pilot duurzame CAO Rijk), Tamar Post en Wouter Janssen (Gemeente Den Haag), Leontien Fennis (pilot duurzame CAO Rijk), Luuk van Santen (Provincie Zuid Holland)

Die maatschappelijke impact staat centraal binnen het Haagse Broodje. Volgens Susanne raakt het project aan alle leidende principes van de pilot duurzame cao Rijk. Het gaat niet alleen om duurzaam inkopen, maar ook om bewustwording en handelingsperspectief. “We willen het verhaal van boer naar bord begrijpelijk maken,” zegt Rosa. “Hoe kun je zelf iets goeds doen voor de planeet? Soms gewoon door een lekker broodje te kopen.”

De ambities reiken inmiddels verder dan één broodje. De betrokkenen hopen dat het project uitgroeit tot een bredere beweging rond duurzame voedselproductie en lokale samenwerking. Rosa ziet over een jaar voor zich dat het Haags Broodje in meerdere varianten verkrijgbaar is bij alle Haagse overheidsonderdelen én op plekken in de stad, bijvoorbeeld tijdens evenementen.

Susanne droomt ondertussen van nieuwe cateringcontracten binnen de overheid waarin duurzame, lokale producten vanzelfsprekend zijn opgenomen. Maar misschien nog belangrijker vindt ze het netwerk dat inmiddels is ontstaan. “We bouwen verbindingen op tussen boeren, inkopers, chef-koks en voedselveranderaars. Dat is ontzettend waardevol.”

Want uiteindelijk draait het Haags Broodje om meer dan eten alleen. “De verbinding tussen mensen en voedsel is voor een groot deel verloren gegaan,” zegt Susanne. “We moeten weer begrijpen hoe we de aarde verzorgen om voedsel te laten groeien.” Volgens haar worden we daar uiteindelijk allemaal beter van: boeren, stadsbewoners, planten, dieren én de bodem zelf.